FISCALITEIT
Meerwaardebelasting!!
De federale regering heeft enkele dagen geleden beslist over de definitieve regeling voor de inning van de meerwaardebelasting. In principe gaat deze belasting in voege per 1 januari 2026.
De meerwaardebelasting is een personenbelasting van 10 % die van toepassing is op de kapitaalwinst bij verkoop van financiële producten. Vooral natuurlijke personen worden geviseerd, maar ook juridische structuren zoals de burgerlijke maatschap worden belast. Belangrijk punt is dat alleen meerwaarde die is opgebouwd na 31 december 2025 in aanmerking komt voor deze belasting. Er is evenwel een vrijstelling van 10.000 euro per jaar, bedrag dat jaarlijks geïndexeerd wordt. Het wordt alzo 15.000 euro als de vorige jaren geen gebruik werd gemaakt van die vrijstelling.
De banken worden verondersteld die taks in te houden maar zij houden geen rekening met de vrijstelling. Om die taks dan eventueel te recupereren is een vermelding/aangifte nodig op uw belastingformulier. Opgelet bij vooringevulde aangiftes!
Wat komt niet in aanmerking voor deze belasting? Pensioensparen : hier heeft men niet toegegeven aan de druk van Vooruit en Conner Rousseau. Ook aan aanvullend pensioen via de werkgever wordt niet geraakt, evenals aan de dividenden. Hier wordt nu al een serieuze belasting aangerekend bij de uitbetaling.
Wat wordt wel belast?
1. Financiële activa : - aandelen
- Obligaties
- Beleggingsfondsen
2. Verzekeringen : - spaarverzekeringen
- Beleggingsverzekeringen
3. Valuta : - ook fysiek goudstaven
De aanrekening van deze taks wordt enkel gedaan bij de verkoop van de producten, niet om het hebben van financiële producten. De startwaarde wordt bepaald met de koers van 31 december 2025. Tenzij er een hogere aankoopkoers was voor deze datum. Bij gespreide aankopen wordt uitgegaan van het principe : FIFO, alsof dus de oudste stukken nu verkocht worden.
Zoals reeds vermeld, de financiële instellingen innen steeds de volledige taks bij een verkoop. Hoe één en ander zal werken, is nog onduidelijk ook al omdat de uitvoeringsbesluiten nog niet bekend zijn. De banken zorgen wel voor een fiscaal attest dat de mensen in staat moet stellen eventueel bedragen te recupereren. Men kan evenwel kiezen voor ‘opt-out’. Dit betekent dat men aan de instelling vraagt geen afhouding te doen. Met uw fiscaal attest doe je dan zelf de aangifte. Voordeel is dat je zo geen prefinanciering van die belasting doet, wat misschien wel 2 jaar duurt vooraleer je het terugbetaald krijgt.
De basisvrijstelling van 10.000 euro is per belastingplichtige. Dit betekent dat koppels gehuwd via het wettelijk stelsel of een ‘gemeenschap’, kunnen genieten van 2 x 15.000 euro of 30.000 euro vrijstelling. Gehuwden met scheiding van goederen, daar geldt die 15.000 euro voor ieder apart. Zonder overdracht van eventueel saldo.
Hoe kan deze belasting vermeden of verminderd worden?
Door uw verkopen te spreiden over meerdere jaren. Zo kan men 5 x 10.000 = 50.000 euro ( 100.000 voor een koppel) laten vrijstellen bij jaarlijks een verkoop te doen, ipv. 15.000 euro bij éénmalige verkoop.
Indien men minposten heeft door verkoop met verlies, kan men dat in mindering brengen bij de meerwaarde in hetzelfde jaar.
Het feit dat men dergelijke producten erft of geschonken krijgt, is geen aanleiding tot heffing van een meerwaardebelasting. Ook al omdat -eventueel- erfenis- of schenkingsrechten betaald worden. Bij een verkoop van de geërfde producten wordt vertrokken van de waarde op moment van de erfenis. Bij verkoop na schenking is de oorspronkelijke datum de éea bepaalt.
---------------------12/12/2025
Sterven wordt goedkoper!!
De Vlaamse regering is vorig jaar oktober in hun regeringsakkoord overeengekomen dat erfbelasting ging hervormd en verlaagd worden tijdens de volgende legislatuur. Men wilde de successierechten voor 'kleine en middelgrote' nalatenschappen verminderen. Want ja, deze verdriet-taks werd en wordt als onrechtvaardig ervaren, vooral bij verervingen tussen ouders en kinderen.
Nu, bij de opmaak van de begroting 2026, worden de eerste maatregelen bekend gemaakt.
1. Vrijstelling voor de partner
Op dit ogenblik is er een bedrag van 50.000 euro aan roerende goederen belastingvrij voor de langstlevende partner. Dit bedrag wordt in twee fasen opgetrokken :
- op 1 januari 2026 verhoging tot 75.000 euro
- op 1 januari 2028 verhoging tot 125.000 euro.
De vrijstelling voor de gezinswoning blijft behouden. Deze vrijstelling is onmiddellijk van kracht als het koppel gehuwd of wettelijk samenwonend is. Voor feitelijk samenwonenden is er een wachttijd van 1 jaar voor roerende goederen, 3 jaar voor de gezinswoning. De sommen boven de vermelde bedragen worden belast aan de gewone tarieven van 9 en 27 %, roerend en onroerend apart.
2. Vriendenerfenis
Een kinderloze alleenstaande kan , vanaf 1 januari 2026, een bedrag tot 100.000 euro nalaten aan één of meerdere vrienden of familieleden, aan een globaal tarief van 3 %. Daarboven kan het tarief, al naargelang de relatie met de erflater, oplopen van 25 tot 55 %.
In een later bericht dd 3/10/2025, wordt dit tegengesproken en veranderd. Nu zou de eerste 50.000 euro belast worden aan 3 %, de schijf van 50 tot 100.000 euro aan 9 %. Dit is dan hetzelfde als het tarief voor kinderen. Voorlopig tot dit tarief verminderd wordt.
Opgelet : deze 2 zaken zijn niet automatisch, want het wijkt af van de wetgeving, die federaal is en voor het ganse land van toepassing is. Deze bepalingen moeten via testament - al dan niet notarieel - vastgelegd worden.
3. Familiebedrijf
De vererving van een familiebedrijf kan momenteel aan 3 %, mits enkele voorwaarden. Zoals verderzetting van de activiteiten en de tewerkstelling. Dit principe blijft. Men wil wel een achterpoortje sluiten. Er zal nagegaan worden of er ook onroerend goed voor privédoeleinden aanwezig is, bv. een appartementsgebouw. Dat is economisch niet dienstig en dat deel zal geen gunsttarief meer krijgen.
Er staan nog enkele maatregelen aangekondigd, die later van kracht worden.
4. Nieuwe tarieven in rechte lijn - en tussen partners.
Naast de vrijstelling voor de partner van de overledene, is er ook een vrijstelling beloofd voor diens kinderen. Dat zou 50.000 euro worden, per kind. Maar wanneer is nog onduidelijk. 2028?2029? Dat zou van toepassing zijn zowel voor roerende als onroerende goederen, die apart belast worden.
Schijf tarief nu tarief later
0 - 50.000 euro 3 % 0 %
50 - 250.000 euro 9 % ---
50 - 150.000 euro --- 3 %
150 - 250.000 euro --- 9 %
< 250.000 euro 27 % 27 %
Deze tarieven én de vrijstelling voor kinderen zijn automatisch toegepast.
De tarieven voor de andere categorieën ( broers en zussen/vreemden) worden ook aangepast door een verhoging van de schijven.
5. Registratierechten
De Vlaamse regering heeft ook de intentie om de registratierechten te verminderen voor de aankoop van een enige en eigen woning : 3 % wordt 2 %.
Als al deze maatregelen beslist zijn en uitgevoerd zullen worden, zal zeker voor de kleine en middelgrote erfenissen - toch het grootst in aantal - de erfbelasting veel lager liggen. Een beetje tellen kan ertoe leiden dat er zelfs niets zal moeten betaald worden.
Slecht nieuws is dan weer - vandaag te lezen in de krant - dat Conner Rousseau een vermogensbelasting wil om de federale begroting meer in evenwicht te brengen!!! En dat na de meerwaardebelasting onlangs. We zullen zien.
=====================
Personenbelastingen
29/3/2025
Enkele dagen geleden is het nieuwe formulier voor de aangifte van onze personenbelasting gepubliceerd in het Staatsblad. Het gaat meer bepaald over de inkomsten van 2024.
Het formulier voor Vlaanderen bevat niet minder dan 839 codes, 6 meer dan vorig jaar. Eigenlijk 30 nieuwe codes en 24 oude die weggelaten konden worden. De meeste loon- en weddetrekkenden kunnen het doen tegenwoordig met zo’n 10 tot 12 nummers.
Hierbij wat uitleg bij wijzigingen die toch heel wat mensen aanbelangen.
1. Fietsvergoeding
De vergoeding die een werkgever toekent voor woon-werkverkeer per fiets moet vermeld worden op de aangifte. Evenals het voordeel voor een bedrijfsfiets. Deze vergoedingen zijn wel vrijgesteld, behalve als de werknemer zijn werkelijke beroepskosten inbrengt. Voor de meesten, die het kostenforfait kiezen, is er geen belasting. Echter met een beperking : vrijstelling van 35 cent per kilometer en een plafond van 3500 euro of 10.000 km. Een eventueel deel boven 3500 euro wordt belast maar er is nog de basis-vrijstelling van 490 euro.
2. Flexi-jobloon
Het loon van een flexi-job is belastingvrij. Volledig voor gepensioneerden : die moeten het niet aangeven. Voor niet-gepensioneerden is er een vrijstelling van 12.000 euro. Hierboven gelden de gewone progressieve tarieven. Eén en ander zal te vinden zijn op de fiscale fiche 281.10. Vervroegd gepensioneerden moeten soms wel rekening houden met inkomensgrenzen wat betreft cumulatie met het pensioen.
3. Overuren
Overuren met een toeslag geven recht op een belastingvermindering, waar evenwel een beperking toegepast wordt. Voor de meeste sectoren is dat maximaal 180 uren, voor de horeca 360 uren. Voor de bouwsector, meer bepaald werknemers die wegenwerken uitvoeren ’s nachts of in de weekends, is het maximum aantal uren verhoogd tot 280.
Gisteren werd ik opgebeld door iemand die ik al enkele jaren help bij zijn aangifte: “Willy, ik heb alle documenten. Wanneer maken we het in orde?” Hallo, even geduld!
De bruine omslagen zijn nog niet rondgestuurd. Zo ook zal Tax-on-web pas einde april -net als vroeger- beschikbaar zijn. De papieren aangifte moet in Gent toekomen uiterlijk 30 juni. Gebruikers van ToW krijgen tijd tot 15 juli. Wie een vereenvoudigde aangifte krijgt, raad ik wel aan deze na te (laten) zien.
================
Maak jouw eigen website met JouwWeb